Familiebezoek

Kort verhaal over een niet welkome gast

‘Verdomme’, langzaam wrijft Anne over haar pijnlijke teen. Ze kijkt, wankelend op haar andere been naar de schuldige tafelpoot. Beer jankt zacht en probeert met voorzichtig gekwispel haar leed wat te verzachten. ‘Waarom heb je die hond nou weer bij je?’ roept Annes moeder vanuit de keuken. Gewapend met porseleinen schalen rinkelt ze de kamer in. De geur van gekookte aardappelen hangt om haar heen. Annes vader probeert zichzelf en de stoel onder de tafel te schuiven zonder zijn ogen van de krant te halen.

Met een moedeloze zucht gaat Anne zitten en aait Beer over zijn kop, vieze hond… Hoe haalt dat mens het in haar hoofd om zo over het meest dierbare wezen in haar leven te praten. Even doorbijten, dan hebben we het weer gehad.

Oma en Tante Mies lopen met een veilige boog om Beer heen. Ze gaan recht tegenover Anne zitten en leggen het roomkleurige servet op hun schoot. Beer legt zijn natte neus tegen de arm van Tante Mies. Ze kijkt hem vol afgrijzen aan.

‘Eet smakelijk!’ Wantrouwig kijkt Annes moeder naar Beer. De lieverd gaat voorzichtig liggen. Eigenlijk zou ze liever de hond in de pot vinden, Annes moeder. Bij voorkeur die van haar.